De andere kant van de Tweede Wereldoorlog.

Over het Duitse verzet vanaf 1933 tot 1945.

-Duitsers en Oostenrijkers in Nederlands Verzet

Biografieën van de Duitsers en Oostenrijkers, die beschreven zijn in het artikel:Duitsers en Oostenrijkers en het Nederlandse verzet

 

Florian Franciscus Aberle ( 25 februari 1921 – 8 juni 1944)

Rijksduitser, geboren te Rotterdam tijdens familiebezoek, maar woonachtig in Stuttgart. Bankweker. Kwam in 1931 met zijn moeder naar Nederland. Was lid van de Orde Dienst. Nam deel aan het doden van de WA-man van der Sande. Was één van de lijfwachten van de zich als verzetsman voordoende verrader Anton van der Waals. Is op 24 juli 1942 te Ede gearresteerd en op 8 juni 1944 in de gevangenis van Keulen gefusilleerd.
Aberle is gebraven in de erehof van de begraafplaats Rusthof te Amersfoort.

Emil Alfred Heinrich Achinger ( overleden in 1966)
schuilnaam:Eus

Duitser, geboren in Wuppertal (Elberfeld). Stoffeerder. Is in 1933 naar Amsterdam gekomen en daar ondergebracht door de  Rode Hulp, een organisatie die zich bezighield met emigrantenwerk. In de oorlog was Achinger ondergedoken op een volkstuinencomplex in Amsterdam-Oost. Nam in de Nederlandse Binnenlandse Strijdkrachten deel aan het gewapende verzet.
Ontving het Herinneringsinsigne voor actieve dienst in de NBS. Keerde rond 1955 naar Duitsland terug en overleed in 1966.

Gerhard Joseph Badrian ( 13 oktober 1905 – 30 juni 1944)
schuilnaam:  Bernhard, Max Albert en Kleine Hans

Duitser, geboren in Beuthen. Was fotograaf. Kwam naar Nederland na de Kristallnacht van 8 november 1938. Maakte vervalsingen en speelde een leidende rol in de Persoonsbewijscentrale, kortweg PBC genoemd, waarvan Gerrit van der Veen de leider was.  Deze verzetsorganisatie overviel diverse malen distributiekantoren en verstrekte in die periode ruim een half miljoen valse documenten, zoals persoonsbewijzen en distributiekaarten. Badrian nam ook deel aan deze overvallen o.a. op de Landsdrukkerij (buit 10.000 blanco persoonsbewijzen) en later nam hij ook deel aan bevrijdingsacties van gevangenomen verzetsmensen. Veelal bediende hij zich hiervoor van een SS-uniform en speelde die rol met veel overtuiging. Ook bij de overval op de gevangenis aan de Weteringschans in Amsterdam was Badrian betrokken. Dit werd helaas een mislukte poging om gevangen verzetsmensen te bevrijden. Wel redde hij bij deze overval de zwaar gewonde Gerrit van der Veen. Na verraad op 30 juni 1944 in Amsterdam, waarbij Badrian probeerde te vluchten, ontstond er een schietpartj en werd hij gedood in dat vuurgevecht, nadat hij zelf een SS-er dodelijk verwondde.
Badrian ligt begraven op het Ereveld Loenen. In Amsterdam is een straat naar hem genoemd en is in de Rubenstraat, waar hij neergeschoten is, een herdenkingsplaquette aangebracht.

Richard Barmé(3 oktober 1924 – 8 maart 1945)

Duitser, geboren in Küllerhahn. Later volgens de nazi-wetten statenloos. Kwam als 14-jarige naar zijn eerder naar Nederland gekomen ouders. Vertrok als 17-jarige in 1942 naar Engeland en kwam daar 22 maanden later aan. Na opleiding daartoe is hij op i november 1944 als geheim agent van het BBO ( Bureau Bijzondere Opdrachten) bij Benthuizen geparachuteerd. Op 2 februari 1945 is zijn zender in Rotterdam uitgepeild en is hij gearresteerd. Is op 8 maart 1945 bij de represailles na de aanslag op Rauterals Todeskandidat in Den Haag gefusilleerd.
Barmé is begraven op het Ereveld Loenen. Hij is onderscheiden met het Kruis van Verdienste ( als Engelandvaarder), het Oorlogs-herinneringskruis, de Bronzen Leeuw en The King’s Commendation for Brave Conduct.

Fritz Alfred Behrendt (17 februari 1925 – 4 december 2008)

Duitser, geboren in Berlijn. Politiek tekenaar en cartonist. Kwam in 1937 als scholier met het gezin naar Nederland. Verspreidde in de oorlog illegale bladen.
Is onderscheiden met het Verzetsherdenkingskruis.

Karl Borromeus Richard Paul Gröger1( 7 februari 1918- 1 juli 1943)

Oostenrijkse student medicijnen aan de Weense universiteit. In 1938 vluchtte hij naar Nederland. In 1941 moest hij zich als dienstplichtig Rijksduitser melden bij de Wehrmacht, maar werd ontslagen, omdat hij voor een kwart Joods was. Daarop sloot hij zich aan bij de verzetsgroep rond de beeldhouwer Gerrit Jan van der Veen. Hij werkte bij het ondergrondse blad “Rattenkruid” en bood hulp aan Joodse onderduikers. Ook nam hij deel aan verschillende acties, waaronder de overval op bevolkingsregister Amsterdam aan de Plantage Middenlaan op 27 maart 1943. Deze aanslag was een poging om dit grote archief van bevolkingsgegevens door brand te vernietigen om deportaties te voorkomen. Onder leiding van Van der Veen drong Gröger vermomd als politieman samen met de andere leden het pand binnen. Gröger was verantwoordelijk voor de ontploffing van de explosieven in het pand. Veel materiaal was verloren gegaan, wat waarschijnlijk redding is geweest voor vele mensenlevens. Toch was de aanslag niet helemaal geslaagd en Gröger moest vluchten. Hij dook onder op een boerderij buiten Amsterdam, maar werd toch opgepakt door de Gestapo. Na overgebracht te zijn naar Den Haag, werd hij daar door de politierechter ter dood veroordeeld. Een verzoek tot gratie werd door Himmler afgewezen.

Voor zijn executie schreef Gröger aan zijn ouders: “Lieve moeder en vader, ik word morgen gedood. Ik moest echt handelen zoals ik deed. Ik had geen andere keuze. God gaf me de kracht om dit alles te dragen. Ik heb mezelf voorbereid om te sterven. Boven alles weiger ik om haat of wraakgevoelens te koesteren. Ik zal sterk zijn met de hulp van God en als hij dat wil als een man sterven. Veel kussen, Karl.”

Op 1 juli 1943 werd Karl Gröger gefusilleerd in de duinen bij Bloemendaal. Hij ligt begraven op de Erebegraafplaats Bloemendaal te Overveen. Gröger is onderscheiden met het Verzetsherdenkingskruis. In Amsterdam is hij geëerd met een straatnaam en staat hij vermeld op een herdenkingsplaquette aan de gevel van het voormalige bevolkingsregister aan de Plantage Kerklaan in Amsterdam. Ook is een herdenkingsplaquette voor zijn verzet aangebracht in zijn gymnasium in Wenen. In 1986 ontving Karl Gröger postuum de Yad Vashem-onderscheiding van de staat Israël.

Joseph Henneböhl (26 februari 1909- 1990 )
Joep Henneboel genoemd na de oorlog

Duitser, is na de oorlog Nederlander geworden. Opperwachtmeester bij de Ordnungspolizei ( de “Grüne Polizei”). Was de Nederlandse illegaliteit welgezind. Waarschuwde o.a. voor komende razzia’s en hielp mensen om zich eraan te onttrekken of te ontsnappen. Hij zag dit als Christelijk plichtsbesef.
Is onderscheiden met het Verzetsherdenkingskruis.

Richard Jung ( 27 februari 1911- 15 april 1945)

Tsjechoslovaak/Rijksduitser, geboren in Reichenberg, Tsjechoslovakije. Door de Duitsers opgeroepen voor militaire dienst. Gedeserteerd en naar Friesland gekomen. Opgenomen in de NBS- de Nederlandse Binnenlandse Strijdkrachten. Is  op 15 april 1945 als soldaat van de NBS gesneuveld bij Scharsterbrug in Haskerland.
Grafmonument op de N.H. begraafplaats in St.Johannesga. Stoffelijk overschot overgebracht naar Ereveld Loenen. Geëerd met de Richard Jungweg in Rotsterhaule en op een gedenksteen in toren N.H.kerk in Joure.

Fritz Dietrich Kahlenberg (12 februari 1916 – 15 oktober 1996)

Rijksduitser, geboren in Berlijn. Fotograaf. Mede-organisator, samen met verzetsstrijder Tony van Renterghem, en leider van de verzetsfilm- en fotogroep “De ondergedoken camera”, die bestond uit fotografen die illegaal de Duitse bezetting vastlegden op de foto. Hielp bij onderduiken van joden en geallieerde piloten. Emigreerde na de oorlog in 1946 samen met zijn vrouw Ingeborg, die ook fotografe was en in het verzet zat, naar Amerika, waar beiden in oktober 1996 vlak na elkaar overleden.
Kahlenberg is onderscheiden met het Verzetsherdenkingskruis. Op het Haveneiland Oost te Amsterdam is de Fritz Dietrich Kahlenbergstraat naar hem vernoemd.

Ingeborg L. Kahlenberg ( 27 maart 1920 – 2 oktober 1996)

Rijksduitse en vrouw van Fritz Kahlenberg. Fotografe, koerierster en meedewerkster van verzetsfilm- en fotogroep “De ondergedoken camera” . Hielp bij onderduiken van Joodse en geallieerde piloten. Na de oorlog in 1946, is zij met haar man Fritz geëmigreerd naar Amerika. Beiden overleden vlak na elkaar in 1996.
Is onderscheiden met het verzetsherdenkingskruis.

Herman Kempfer

Oostenrijker. Gedeserteerde Waffen SS-er, samen met Sepp Köttinger. Zat in het Nederlandse verzet. Nam met Köttinger ook deel aan de overval bij de Woeste Hoeve. Is tijdens een wapentransport door een Duitse patrouille aangehouden en in het toen ontstane vuurgevecht naar wordt aangenomen, omgekomen. Zijn lichaam is nooit gevonden.

Joseph “Sepp” Köttinger 2    

Hij was Oostenrijker en was in Praag opgeleid tot SS’er. Köttinger diende bij de Waffen-SS tot hij in juni 1945 de opdracht kreeg om zich in Normandië te voegen bij de divisie “Das Reich”. Hij weigerde deze opdracht en deserteerde door met een fiets door België naar Nederland te rijden. Naar Nijmegen om precies te zijn, daar werd hij gearresteerd. Doch na een paar dagen zag hij kans om te ontsnappen en kwam uiteindelijk in Velp terecht. Daar wachtte hem een ontmoeting met Geert Gosens, die een verzetsgroep had, de GG-groep. Geert Gosens heette eigenlijk Gerhard, was geboren in 1915 in Bölkum, nabij Wuppertal, als zoon van een Nederlandse veearts, die vlak voor de Eerste Wereldoorlog was geëmigreerd naar Duitsland. In 1919 na de moord op zijn vader keerde het gezin terug naar Nederland. Tijdens de Tweede Wereldoorlog raakte hij al vrij snel betrokken bij het verzet. Eind 1943 had Gosens een eigen knokploeg opgericht, die bestond uit ongeveer 15 man. Onder de leden bevonden zich familie en verzetsmensen uit de regio en die ook gewelddadige acties durfde te ondernemen. Gosens was ook niet bang om Duitsers en Oostenrijkers op te nemen in zijn groep, zo ook Köttinger. Gosens vond Köttinger “volkomen betrouwbaar” en zo werd hij één van de 8 niet-Nederlandse verzetsleden van de GG-Groep. In oktober volgde een nieuwe arrestatie en zat Köttinger gevangen in Arnhem. Maar ook deze keer lukte het hem om te ontsnappen en hij meldde zich wederom bij de groep Gosens. Sindsdien deed Köttinger aan praktisch alle acties mee. Hij had zelfs een belangrijk aandeel in de mislukte aanslag op SS- und Polizeiführer Hanns Rauter bij Woeste Hoeve. Joseph Köttinger overleefde de oorlog. Na de bevrijding woonde hij kort in Apeldoorn en daarna nog- enkele jaren in Velp. Hij is uiteindelijk in Oostenrijk overleden.

Over de reden waarom Gosens een groot aantal Duitsers en Oostenrijkers in zijn groep had, daarover tast men nog steeds in het duister, evenals over de motivatie waarom Duitsers en Oostenrijkers zich juist bij Groep Gosens wilden aansluiten. Als mogelijke beweegredenen voor Gosens zouden onder meer zijn jeugdervaringen in Duitsland geweest kunnen zijn en/of de goede beheersing van de Duitse taal bij de Duitse en Oostenrijkse verzetsleden, die hem van pas kon komen bij sommige acties.

Ernst Melis ( 5 maart 1909 – 31 augustus 2007)

Duitser, geboren in Kassel. Draaier-bankwerker. Was in 1933 in Nedersaksen illegaal actief in de KPD (Kommunistische Partei Deutschland) .Kwam op 27 december 1933 naar Nederland en was daar vijf maanden betrokken bij de Rode Hulp (een organisatie die zich bezighield met emigrantenwerk) en grens/koerierwerk in de omgeving van Vaals-Aken. Melis is eind mei 1934 naar Parijs gezonden en was daar tot 1939 o.a. redacteur van de Deutsche Volkszeitung. Behoorde tijdens de oorlog o.a. tot de leiding van het “Komitee Freies Deutschland für den Westen” en was redacteur van de op Duitse bezettingsmacht gerichte krant Soldata m Mittelmeer.
Is drager van Franse onderscheidingen. Ernst Melis was voorzitter van het DRAFD, thans is dat zijn zoon Charles Melis.

Gustav H. Müller ( 7 maart 1910- ? )

Duitser. Was tot 1934 in Solingen actief in de KPD (Kommunistische Partei Deutschland). Is december 1934 naar Nederland gevlucht. Maakte in Amsterdam met andere politieke emigranten materiaal voor de illegale KPD in Duitsland. Leefde tot 1944 illegaal en zonder inkomen, ondersteund door politieke vrienden. In 1936 wegens uitputting opgenomen in een ziekenhuis, zou hij naar Duitsland uitgezet worden, doch wist te ontsnappen. Na de bezetting van Nederland sloot Müller zich aan bij een Duits-Nederlandse verzetsgroep. In 1944 is hij gearresteerd en veroordeeld tot twee jaar gevangenisstraf.
Is onderscheiden met het Verzetsherdenkingskruis.

Karl Friedrich Ulrich Rehorst ( 21 december 1905- 17 maart 1945)

Duitser, geboren in Breslau. Emigreerde naar Nederland. Sloot zich na gemobiliseerd te zijn bij de Orde Dienst aan. Was actief in de “Hollandgruppe Freies Deutschland. Wist enkele tientallen Duitsers tot desertie te brengen. Betrokken bij werk Nederlandse verzetsgroepen. Begin 1945 gearresteerd en op 17 maart 1945 in Utrecht gefusilleerd.
Ligt begraven op de Erehof van de Gemeentelijke begraafplaats Rusthof te Amersfoort.
Voor uitgebreide biografie, zie hier

Heinrich Roth (12 mei 1913- 8 maart 1945)
schuilnaam: Wim Bakker

In Nederland opgegroeide Duitser. Geboren in Ratingen. Was een ondergedoken door de Duitsers opgeroepen militair. Was lid van de KP (Knokploeg) in Scharnegoutum. Is op 8 maart 1945 in Dogjum gefusilleerd.
Ligt begraven op het Ereveld Loenen.

Albert Schlösser (1898 – 14 december 1964)
schuilnaam: Albert Meister

Duitser. Was betrokken bij de overval op het bevolkingsregister in Amsterdam. Illegaal drukker en tal van andere illegale activiteiten.
Schlösser overleed in 1964 in Laren(NH), hij was ongehuwd.

Belinda M. Thöne-Siemens ( 7 december 1922-28 mei 2006)

Duitse. Deed verzetswerk in Nederland.
Is onderscheiden met het Verzetsherdenkingskruis.

Dr.Gerhard Wander (16 juli 1903- 22 januari 1945)

Duitser, geboren in Erscherninken. War ariseringsadvocaat bij het Generalkommissariat für Verwaltung und Justiz. Verleende daar hulp aan Joden. Hielp Nederlandse verzetsgroepen aan Duitse papieren en inlichtingen. Deserteerde. Wander is op 22 januari 1945 in Amsterdam bij een vluchtpoging doodgeschoten.
Ligt begraven op het Ereveld Loenen.

Bronnen:

Boer, Henk de -Duits verzet in en vanuit Nederland (tegen het nazi-regime 1933-1945)- 2003

Aanvullende bronnen:

1) voor Karl Gröger, zie ook: www.annefrankguide.net
en: www.eerebegraafplaatsbloemendaal.eu

2) voor Joseph “Sepp” Köttinger-
–Schuurman, Richard – Spoor naar Woeste Hoeve; Uitgeverij Verloren 2012

Meer in het bijzonder
-MvD-inventarisnr.1843, stukken Geert Gosens archief persoonsdossiers Ned. Binnenlandse Strijdkrachten; archief Nationaal Comité Verzetsherdenkingskruis; archief collectie voormalig Bureau Registratie Informatie Ontslagen Personeel