De andere kant van de Tweede Wereldoorlog.

Over het Duitse verzet vanaf 1933 tot 1945.

-Kurt Gerstein nader beschouwd.

Oorlogsmisdadiger of verzetsheld.

In 1950 boog een Duits Hof voor denazificatie zich over de casus Gerstein. Was hij nu een oorlogsmisdadiger of een verzetsheld? Natuurlijk had Gerstein gevaar gelopen om aan informatie te komen en deze informatie door te spelen aan de geallieerden. Maar er was ook sprake van schuldig maken aan oorlogsmisdaden, omdat Gerstein de orders bleef geven tot het leveren van het Zyklon-B gas aan het vernietigingskamp Auschwitz, wat leidde tot de dood van miljoenen mensen. Het Hof oordeelde negatief over Gerstein, zijn vrouw kreeg geen pensioen en er vond geen rehabilitatie plaats. Dit kwam pas in 1965. Hoe moeten de daden van Kurt Gerstein gezien worden? En is er een verklaring te vinden voor zijn handelen?

Het is duidelijk, Kurt Gerstein beschouwde zichzelf een man met een missie. Hij wilde per se een heldenrol spelen en daartoe had hij zichzelf ten doel gesteld om het Naziregime aan te klagen, wanneer zij eenmaal ten val kwam. Hij maakte daarom accurate verslagen van de onmenselijkheden, die hij tegenkwam. Overal probeerde hij deze verslagen aan te bieden om zo de wereld wakker te schudden voor wat er gaande was tegen de menselijkheid in zijn Duitsland. Hij bezat immers ook een groot patriottistisch gevoel, wat hem al jong bijgebracht was door zijn autoritaire vader. Zijn belangrijkste leidmotief voor zijn daden vormde echter zijn christelijk geloof. Daaraan toetste hij ook de daden van de Nazi’s. Hoe enorm belangrijk dat geloof was voor Gerstein blijkt ook uit het feit dat hij de moed had om op te staan in een zaal vol nationaalsocialisten en commentaar durfde te geven tegen de acteurs op het podium, omdat zij het christelijke geloof aanvielen. Een diep religieus iemand in een gezin waar weinig tot niets aan religie werd gedaan. Is daar een reden voor te vinden?

Al op jonge leeftijd had Gerstein zijn moeder verloren en haar plaats werd ingenomen door de kinderjuf Regina, een zeer toegewijde katholieke vrouw. Ongetwijfeld zal ze de jonge Kurt verteld hebben over haar geloofservaringen, want de jonge Kurt kreeg ook al snel belangstelling voor het geloof en de kerk, zij het dat hij trouw bleef aan zijn Lutherse achtergrond. Hij werd lid van de Bekennende Kirche en diverse christelijke jeugdbewegingen, waarvoor hij zich actief ingezet heeft. Het gemis van zijn moeder leidde bij Kurt tot het vinden van een surrogaat in zichzelf, zijn symbolische moeder: hij wil een held worden en het geloof zal hem daarbij helpen. Religie moet namelijk uitbeelden wat ze eigenlijk is: een totaliteit van oerbeelden, die altijd het “buitengewone werkzame”uitdrukken. De mens wil geen mens zien, maar een supermens, d.i. de held of de God. Laten we hierbij niet vergeten dat in 1916 een fenomeen begon, dat spoedig de wereld in zou gaan als het wonder van Fátima. Drie kinderen zagen in een Portugees dorp een tijdlang de verschijning van de Maagd Maria. En Gerstein groeide juist op in deze tijd, waarin Duitsland de vernederingen had te ondergaan als gevolg van het Verdrag van Versailles.

Aan zo’n zware taak, die Gerstein zichzelf gesteld had, zat ook een keerzijde. Door een schok of tegenslag kon hij zo in zichzelf gekeerd raken dat hij op het dieptepunt daarvan neigde naar vernietiging, d.w.z.zelfmoord. En die schok kreeg hij te verduren, toen hij weg gestuurd werd bij de pauselijke nuntius Orsenigo. Op dat moment had de held gefaald. Gerstein zocht zijn toevlucht tot de Bijbel en uiteindelijk wist hij weer door te gaan met leven en met zijn levensdoel.

Wat bepaalt nu of hij een oorlogsmisdadiger was of een verzetsheld?
Wat Gerstein deed, was op zich niet uniek. Er waren meer mensen als Gerstein, die in dienst traden van bepaalde organisaties als het leger of de SS om vandaar uit te proberen het regime te ondermijnen. Maar het was een buitengewoon gevaarlijk spel dat zeker niet zonder risico’s was. Mannen als Gerstein leefden in feite in twee werelden, ze dienden de “goede” én de “foute” kant. Het was onmogelijk om zo dicht bij het vuur je alleen maar bezig te houden met de “goede” kant. Wanneer men dat deed, liep men onmiddellijk de kans gearresteerd te worden met alle gevolgen van dien, want men was immers een landverrader. Een sterk overtuigende houding was nodig om de schijn op te houden dat men een oprechte Nazi was, ook al hield dit het opvolgen van bevelen in, die druiste tegen je geweten. Met als gevolg dat er twee alters ontstonden.

Gerstein werkte solitair bij zijn missie, hij was een eenzaam mens en het is de vraag of dat hem uiteindelijk niet opgebroken heeft. Een dergelijke “gespleten” levenshouding vereist een sterke mentale conditie, wil men niet tot slaaf worden van de heer die men onvrijwillig dient en het is zeer de vraag of Gerstein deze sterke mentaliteit bezat. Een sterk tegenwicht in eigen omgeving, een vertrouwenspersoon zoals een echtgenote, was dan zeker ook van groot belang. Daarvan waren ook de militaire verzetsstrijders van overtuigd en ze waren dan ook zeer dankbaar voor de steun, die vele vrouwen hun mannen gaven in die moeilijke dagen. Het is onduidelijk of Gerstein in deze mate op zijn vrouw kon vertrouwen, gezien de opmerking die hij maakte in een brief aan haar:”Je zult nog verbaasd zijn als je hoort wat ik allemaal gedaan heb en wat ik je niet heb kunnen vertellen.”

Het is bekend dat een dergelijke persoonlijkheidsstoornis kan leiden tot suïcidale neigingen. Emmi Bonhoeffer schreef er ook over in haar boek “Wat is wezenlijk?”: Toen een SS-er stond te wachten bij een groep mensen, die zich moest uitkleden voor de zogenaamde “doucheruimtes”, klampte een vertwijfelde moeder met haar kind hem aan. Ze besefte ineens wat haar te wachten stond en smeekte de SS-er om haar kind te redden. Hij had immers toch ook een vrouw en kinderen. De SS-er duwde de vrouw ruw de gaskamer in. Plotseling, net op het moment dat de deuren dicht zouden gaan, springt hij met de kreet: “Mijn vrouw! Mijn kind!’mee naar binnen en wordt mee vergast.”

Ook bij Gerstein was die neiging tot zelfmoord aanwezig. Tijdens zijn gevangenschap in Kamp Welzheim leed hij aan zware depressies. En ook het  schokeffect dat zijn bezoek aan het vernietigingskamp Belzec had een erg negatieve uitwerking. Net als het voortdurend terzijde leggen van zijn verslagen door allen, die hij om hulp gevraagd had. Zijn dood bestempelen als zijnde zelfmoord was dan ook een eenvoudig te trekken conclusie, gezien zijn mentale staat, hoewel in niet geringe mate ook zijn ziekte (hij was suikerpatiënt) er toe bijgedragen kan hebben. Toch zal zijn dood altijd in nevelen gehuld blijven, immers Gerstein zocht aandacht en op het einde van zijn leven leek hij die te krijgen, toen hij zijn rapporten opstelden voor zijn Franse bewakers.

Antwoord op de vraag of Kurt Gerstein nu een misdadiger dan wel een held was, zal nooit eenvoudig gegeven kunnen worden. De kwestie is, waar je de grens trekt. Voor de één, zoals zijn vrouw, zal hij een held zijn, tot het einde toe heeft ze gestreden voor zijn rehabilitatie. Voor de ander zal hij gezien worden als de man die schuldig is aan de dood van miljoenen mensen, vooral Joden, ofschoon de hoeveelheid gas, die hij leverde maar een fractie was. En dan nog is het twijfelachtig of dat gas gebruikt is voor vernietiging. Zyklon-B werd namelijk ook gebruikt als desinfecteer. Het hierboven gestelde betoog geeft in ieder geval aan dat oordelen niet zo eenvoudig is, zelfs niet jaren later na het beëindigen van de oorlog. Er kunnen vele redenen ten grondslag liggen aan de wijze van handelen, waarvoor iemand kiest en psychische factoren. Kurt Gerstein is daar een duidelijk bewijs van. Hij deed, waarvan hij vond dat hij dat moest doen. Hij was een man met een missie.
Bronnen:

Jung, C.G- Symbole der Wandlung- de held en het moederarchetype-1995
Bonhoeffer, Emmi- Wat is wezenlijk?-2006
www.ushmm.org